Mardi le Vingt doet op eigen kracht Die sieben letzten Worte

OOTMARSUM

Hij herinnert het zich nog als de dag van gisteren. "De eerste keer dat ik met Mardi le Vingt Die sieben letzten Worte in Ootmarsum uitvoerde, was in 2002. De publieke belangstelling was overweldigend. We hebben zelfs de stoelen van de naburige caféterrassen gehaald. Het was een gekkenhuis, de kerk zat met 650 mensen tjokvol."

Of dat komende zondag ook het geval zal zijn wanneer hij met Mardi le Vingt en Die sieben letzten Worte in de r.-k. Simon en Judaskerk op herhaling gaat, betwijfelt de Ootmarsumse koordirigent. "Maar met 300 bezoekers zijn wij ook dik tevreden." Henry Meijer knikt. Samen met Herman Koops, Ada Koopman en Monique Oude Egbrink vormt hij het bestuur van de Stichting Passieconcerten Ootmarsum dat tekent voor de organisatie van dit tweejaarlijkse concert. Het is alweer het vierde op rij na de Johannes Passion, het Requiem van Fauré en het Stabat Mater van Pergulesi. Die Sieben Letzten Worte van Franz Joseph Haydn past wat Koops en Meijer betreft volledig in de lijn en in de geest van de passieconcerten. Het is gebaseerd op de zeven laatste zinnen die Jezus Christus gesproken zou hebben voor hij op Goede Vrijdag de kruisdood stierf. Deze woorden werden opgetekend door de evangelisten Marcus, Matthäus, Lucas en Johannes. "En Haydn heeft daar rond 1750 prachtige muziek op gemaakt", licht Herman Koops toe. Pas tien jaar later voegde hij daar tekst aan toe. En daarin staan de zeven zinnen, de zogeheten kruiswoorden, centraal. Koops: "Dit is een prachtig passieconcert. En dat komt puur door de muziek van Haydn. Die is heel toegankelijk voor het publiek. Heel ontroerend en het laat zich makkelijk beluisteren."

Opmerkelijk bij deze uitvoering is dat Koops geen gebruik maakt van professionele solisten. De solisten zijn afkomstig uit het eigen, 23 zangers tellende koor: de sopraan Astrid Koopman uit Tubbergen, de alt Kristin Nijhuis uit Ootmarsum, de tenor Jef Horsthuis uit Oldenzaal en de bas Dirk Slot uit Rijssen. Koops: "Toen ik dit concert de eerste keer uitvoerde, werkte ik wel met professionals. Maar het verschil tussen solisten en koor was te groot. Dat is nu niet het geval. Zonder dat we concessies doen aan het kwaliteitsniveau. Het zegt eigenlijk ook alles over het hoge niveau van Mardi le Vingt. En dat is pure luxe, dat besef ik maar al te goed."

In financiële zin is deze werkwijze ook voordelig omdat er nu geen solisten betaald hoeven te worden. Henry Meijer: "Dat nemen we mee in de toegangsprijs, die daarmee alleszins betaalbaar blijft."

 

KAMERKOOR MARDI LE VINGT ALS EEN SUBLIEME GIDS BIJ WANDELCONCERT

Ootmarsum. Wandelconcert 31 mei 2015. Ned.Hervormde Kerk, RK Simon en Judaskerk.  Twents kamerkoor Mardi le Vingt. Dirigent Herman Koops. Edith Velthuis, piano.

Twee prachtige kerkgebouwen in Ootmarsum die aan elkaar een schitterende aanvulling geven, cultureel , religieus en muzikaal. De Nederlands Hervormde kerk en de Rooms Katholieke Simon en Judaskerk. Dit concert was ingegeven door 22 jarig bestaan van het kamerkoor en daaraan gekoppeld een muzikaal  dankwoord om in de kerkruimten te mogen musiceren. Het talrijke dankbare publiek bij dit concert  was er getuige van. In de Hervormde kerk werd begonnen met Openings- en slotkoraal “Wachet auf” van grootmeester Bach. Gelijk bij deze presentatie werd het muzikale visitekaartje afgegeven. De sopranengroep is bij dit ensemble op perfecte  wijze leidend . Niet overheersend maar klankmatig toonrijk en loepzuiver. Voor alle stemgroepen geldt dat ze als een eenheid functioneren en daar waar de frasering het vereist zich moeiteloos profileren. De totale koorklank is zeer evenwichtig. De visie van dirigent Herman Koops was bij dit concert romantisch van aard door de muzikale tegenstellingen voluit te gebruiken. Daardoor kreeg de afsluiting van het koraal met de koraalbrede ondersteuning van de vleugel een orkestrale touch. Vanuit diezelfde  houding werd het mystieke  Lacrimosa uit het Requiem van Mozart vertolkt. In de coronation anthem van Händel wisselden kracht, souplesse in prachtig klinkende fraseringen elkaar af. De hoge zettingen bij bassen en vooral tenoren verhieven boven het geheel. Knap gedaan omdat de tenorengroep niet op volle sterkte was. In de prachtige ambiance van de Simon en Judaskerk liet dirigent Koops een eigen compositie horen. Prelude en fuga voor orgel. Op het “ lijf” geschreven voor het Epmannorgel. Een zangerige prelude en een helder klinkende fuga die opgebouwd werd in een magistraal breed sloteinde. Een professionele compositie gedacht vanuit klassieke vormen die perfect aansloot op het klankkarakter van psalm 42 van Mendelssohn. Hier maakte het koor weer een muzikale reverence naar de intieme compositie. Het ensemble liet horen dat het ook deze grootse akoestische ruimte kon beheersen. Het “ wie lieblich” uit het  requiem van Brahms werd met prachtige muzikale lijnen uitgevoerd. Pianiste Edith Veldhuis vertolkte hier een glorierol door de piano te laten klinken  als een orkest die het koor omspande. Ze liet bij de begeleiding van twee delen uit Stabat Mater van Jenkins de piano als een klokkenspel horen. Het Ave verum vanuit dezelfde compositie werd een klankjuweeltje. Dirigent Koops liet koor en publiek stoeien met het Hallelujakoor uit de Messiah. Beide kerken werden muzikaal gezegend  vanuit een heerlijk brede romantische zetting van het bekende “Bless this house” van May Brahe. Aansluitend hierop is een “Bless this choir” meer dan verdiend.

Jos Keijzer

AANGRIJPENDE  BRAHMS DOOR KAMERKOOR MARDI LE VINGT

Zondag , 23 maart 2014. H.H.Simon en Judas kerk, Ootmarsum.                                        
 Concert Twents Kamerkoor Mardi le Vingt.                                                                                                
Programma: Ein deutsches Requiem, Johannes Brahms.                                                                                      
Marion Prummel, sopraan. Daniël Herman Mostert, bariton                                                                                                            
Edith Velthuis en Paul Kempers , vleugel. Herman Koops , dirigent.

Ein deutsches Requiem is een zeer aangrijpend werk met een sterk meditatief karakter. Brahms componeerde dit werk tussen 1860 en 1868. Al die jaren droeg hij deze muziek met zich mee. Hij droeg het op aan zijn overleden vriend Schumann en  aan zijn moeder. Vooral het vijfde deel :”Wie einen seine Mutter tröstet”. Anders dan in de Latijnse mis , waarin altijd een  nadruk heeft gelegen op de  oordeelsdag ( “Dies irae”), overheersen in de tekstkeuze en in de toonzetting van Brahms verzoening met de dood en  voor hen die achterblijven.  Het werd een religieus werk voor een concertzaal gebaseerd op teksten uit de Bijbel. Compositorisch bevat het werk een aaneenschakeling van harmonische elementen; verschuiving van mineur naar majeur, een treurmars, een wals , eigenzinnige polymetriek die zich manifesteert in twee verschoven drie kwartsmaten binnen een vierkwartsnotatie en een fuga die wordt onderstreept door een orgelpunt in D met een “onbarmhartige “ lengte van 36 maten. Om technisch maar zeer zeker de intentie van dit werk te doen laten klinken , moet men dus heel veel muzikaal in huis hebben. Bij dit concert, in een afgeladen kerk in Ootmarsum, bracht Mardi le Vingt de muzikale troost dichter bij de mensen. De enorme oorspronkelijke orkestbezetting was niet nodig. Hier hoorden we de “ Londense versie “, uit 1869. Door Brahms zelf geschreven voor piano. Een voor die tijd normale reductie om symfonisch werk tot kamermuzikale proporties om te zetten. Zo ontstond zeker voor dit werk een intieme compositie. Mardi le Vingt liet de tekst prominent en in prachtige polyfone vocale lijnen horen.  “Ja, der Geist spricht“, klonk indringend en mystiek en fluisterzacht. Dirigent Koops had een zeer goede keuze gemaakt om op meerdere  plaatsen het koor in mezzoforte bij zich te houden, zodat het met een krachtig fortissimo kon afsluiten. De frases voor een enkele stemmengroep hadden misschien wat meer accent kunnen krijgen. Gloedvol en orkestraal begeleidden de beide pianisten het kamerkoor vanuit een zeer hoog technisch vermogen, een verfijnd toucher en een fabelachtige expansie. Hier was duidelijk te horen dat de muzikale beleving van Brahms vanuit de piano voortkomt. De bariton liet in het derde deel :” Herr , lehre doch mich…” de gezongen vergankelijkheid en de nietigheid van het leven horen. Met zijn warme en ruime stem vulde hij de ruimte van de kerk maar vertelde zijn verhaal ook naar de individuele luisteraar toe. De sopraan soleerde in het belangrijk vijfde deel overtuigend en met een ontroerende dynamiek. De hoge muzikale belijning “vloeide “ door de begeleiding en het koor heen in een intense wisselwerking. Menselijke troostmuziek werd werkelijkheid bij dit concert.

Jos Keijzer                                                              ( muziek en co)

Mardi le Vingt mocht dit weekend het 'Festival di Pasqua' in Rome afsluiten als 'Coro del Festival'
`Bravo' klinkt in Rome voor Twents Kamerkoor Mardi le Vingt
Recensie door Jos Keijzer
 
ROME- 'Bravo', oordeelde de Itali­aanse dirigent Vaselli, nadat hij het Twents Kamerkoor Mardi le Vingt voluit een koorgedeelte uit de Mis in C van Mozart had horen uitvoeren. Het kamerkoor trad afgelopen weekend op in de beroemde Chiesa di San Paola entro le  mura, ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van het koor. Het Dutch Chamber Choir Mardi le Vingt werd opgenomen in de be­kende concertserie Festival di Pas­qua, een festival met internationa­le beroemdheden dat altijd rond Pasen gehouden wordt. Mardi le Vingt mocht het geheel als Coro del Festival afsluiten.
In de week van 7 april hingen overal affiches en werden flyers uitgedeeld. Vermeldingen in kran­ten zoals de Repubblica, Musica An­tica Roma en Roma Capitale. Zelfs op televisie werd er over geïnformeerd en het publiek is gekomen. De prachtige, imposante basiliek was dusdanig vol, dat men in de zijbanken een plek moest zoeken.
 
Een deputatie van het Vaticaan, de culturele Raad van Rome, de Nederlandse ambassade en de mi­nister van justitie voegden zich tussen de talloze luisteraars. Kamerkoor Mardi le Vingt bracht een programma met werken van de grote meesters, onder wie Bach, Mozart en Vivaldi. Solisten bij dit bijzondere concert waren sopraan Karin Hertsenberg, alt As­trid Krause, tenor Alberto ter Doest en bas Daniël Herman Mostert. Organist Jaap Vonk begeleid­de het gehele concert lichtvoetig in het continuo en zeer adequaat bij de koorgedeelten. Zijn profes­sionaliteit werd benadrukt door het feit dat de kennismaking met het orgel zeer kort was en de rui­me akoestiek voor hem weinig muzikale referentiekader gaf. Dat het concert inderdaad muzi­kaal gezien een uitdaging werd, bleek wel uit de tijdsplanning die waarschijnlijk op Italiaanse leest geschoeid was. Uiteindelijk had dirigent Herman Koops twee uur voor een orkestrepetitie, generale repetitie en solistenrepetitie. Bij de orkestrepetitie bleek al snel dat er verschillende muzikale visies tot een geheel gesmeed moesten worden. Herman Koops verander­de de wat strenge, en te breed op­gezette Bach-visie van het orkest, in een dansante lichtvoetige ko­raalkantate. De mis van Mozart kreeg een muzikale lading vol dynamiek. Het Gloria van Vivaldi werd ontdaan van opera-effecten en kreeg waar het recht op had: helderheid in prachtige fraseringen en intimiteit in de aria's. De sopraan straalde in het hoge register, de alt overtuigde emotievol en met zeggingskracht. De tenor liet zijn stem soepel door de ruimte van de basiliek glijden en deze bas heeft naast een warme plooibare voordracht ook een heerlijk souplesse in het hoge register. Mardi le Vingt heeft door de vocale intimiteit, de warme koorklank en kracht, indruk gemaakt. Dirigent Koops verleidde het publiek tot samenzang met Bachs slotkoraal. Open doekjes en publiek met tranen op de wangen. Daarvoor moet je wel naar Rome.
7 april 2013
 
 
Mardi le Vingt zingt Fauré.
 
Ingetogen troostmuziek van Mardi le Vingt
 
Door Jos Keijzer

Er is door de eeuwen heen veel muziek geschreven voor de lijdenstijd. Composities die het leed van de Christus en de medemens vorm geven. Aangrijpend, emotievol en soms diep smartelijk.
In de muziek van Gabriël Fauré is geen muzikaal geweld te vinden maar ingetogenheid, lyriek en ontzag voor de Eeuwige en vooral een stil verlangen.
Vanuit een intieme klank tracht hij een ‘stemming’ te scheppen. Het is de kunst van de muzikale fijne pentekening, geen groots schilderij.
Vanuit die visie was dit concert ook vormgegeven. In de keuze van de werken maar ook in de uitvoering. Voor de begeleiding van de koorwerken was gekozen voor een Duits harmonium uit het harmoniummuseum in Borger Compascuum.
Op het Mannborg-instrument begeleidde organist Hans Stege heel fijnzinnig en intiem. Door het principe van de zuigwind liet het harmonium een unieke tedere klank horen maar ook breed en warm en met een intens diepe bas waar nodig. Stege ademde mee met de koorzangers en wist binnen een enkele maat de muziek te versterken en terug te nemen.
Mede daardoor ging het koor mee in ragfijne zanglijnen om soms weer te overbloezen naar grootse akkoorden. Dirigent Herman Koops stileerde de muziek vanuit zijn bekende dansante dirigeerstijl maar nu wel ingetogener.
In de mis Messe basse voor vrouwenstemmen liet Mardi le Vingt een grootse klankschoonheid horen. Hier hoorde men dat de religieuze muziek van Fauré het Gregoriaans als bron heeft. De twee vrouwenensembles namen heel natuurlijk en loepzuiver de frases over.
Meerstemmigheid schoof moeiteloos in elkaar om bij de afsluiting van elk misdeel, elkaar in een innige muzikale omhelzing te vinden. Het Requiem en het Cantique de Jean Racine werden op hetzelfde hoge niveau uitgevoerd alles vanuit een prachtige koorklank.
Sopraan Astrid Koopman stileerde het Pie Jesu fijnzinnig. Bariton Ben Geuke overtuigde met het Libera me. Troostmuziek voor deze tijd.

Simon en Judaskerk, Ootmarsum.
Zondagmiddag 1 april 2012.
Stichting Passie Concerten Ootmarsum en Twents Kamerkoor Mardi le Vingt.
Organist: Hans Stege
 
 
Mardi le Vingt met intieme koorzang .        20 november 2011
 
Door Jos Keijzer
 
De Engelse koormuziek heeft in de verschillende perioden prachtige composities voortgebracht. De muziek is gericht op de mens en volgt de tekst op de voet vanuit een rijke muzikale afwisseling. Misdelen maar ook volkshymnen en recitatieven, het was bij dit concert terug te vinden. Dirigent Herman Koops wist met zijn vocaal ensemble Mardi le Vingt de Engelse koorzang voluit eer aan te doen. Het koor beschikt over een voortreffelijke koorbalans. De hoge stemmen schikken zich moeiteloos in de muzikale vraagstelling van de Engelse koormuziek. Binnen de 22 leden is het mogelijk ook nog een perfect klein koor te laten zingen. Het programma bestond uit drie blokjes die elk afgesloten werden met een Ave Verum. In de toonzetting van het Ave Verum van Elgar, als slot van het eerste blok, hadden de koorgroepen elkaar volledig gevonden. Hier groeide en bloeide het ensemble. De romantische zetting met een prachtige pianobegeleiding gaf ruimte aan de koorgroepen om zich optimaal te presenteren .Een mooie voordracht bij de vrouwen en de bassen legden een warme klankvloer. Ook componist Rutter, een mens van deze tijd, weet met zijn muziek mensen te raken. The Lord is my shepherd met pianobegeleiding en altfluit , kreeg een intieme benadering .Een open compositie die vanuit hoog gezongen frases met meerstemmige afsluitingen, eindigde in een brede ligging met een ontroerende koorafsluiting. Kristin Nijhuis had op altblokfluit al eerder een zeer goede instrumentale bijdrage geleverd o.a met de bekende Sonate nr.4 van Handel.De recitatieven in het magnificat van Moore klonken een in een vloeiende vertellende beweging. Ingezet door de vrouwenstemmen en naadloos overgenomen door het koor. Individuele koorleden beschikken ook over solistische gaven zoals in The infinite shining van Vaughan Williams met een prachtige ingehouden pianobegeleiding door Edith Veldhuis. Zij begeleidde heel adequaat en trefzeker. Jammer dat de vleugel met deze akoestiek wat versluierde. Herman Koops liet een galante orgelregistratie horen van een Voluntary van Russell. Afgesloten werd met een ingetogen Lacrimosa en Ave Verum van Jenkinks. Mardi le vingt weet met haar koormuziek de mens te raken.
 
 
 
Mardi le Vingt: low budget, high quality. 
Ootmarsum, H.H. Simon & Judaskerk.
 
Najaarsconcert door Twents Kamerkoor Mardi le vingt (o.l.v. Herman Koops), m.m.v. Edith Velthuis (piano). Programma: religieus repertoire van o.a. J.C.F. Bach, Mozart, Mendelssohn en Fauré. Zondagmiddag 14 november.
 
door Koen Edeling
 
Het als low budget gekwalificeerde herfstconcert van Twents Kamerkoor Mardi le vingt werd goed bezocht: de Simon & Judaskerk was nagenoeg gevuld. Direct al gaf het koor blijk van een grote dosis zelfvertrouwen, want de koorklank was ronduit gedecideerd te noemen. Deze opstelling werd nog eens aangevuurd door dirigent Herman Koops, die als een onvervalste balletdanser met zijn hele lichaam dirigeerde. Ook zijn mimiek liet geen twijfel over aan zijn bedoelingen en dit was duidelijk te horen. Al in het openingswerk, ‘Wachet auf’ van Bach-zoon J.C.F. viel de herderheid bij de sopraanpartij op, tot in de hoogste regionen. Dat het koor gezegend is met vele solisten, werd gedemonstreerd in diverse composities. Maar liefst zeven solisten (twee mannen en vijf vrouwen) kwamen voor het voetlicht en elk kweten ze zich voortreffelijk van hun taak.
Het meest opvallend vond ik het stemgeluid van Astrid Koopman, die vrijwel zonder vibrato Mozarts ‘Laudate Dominum’ uitvoerde. De drie delen uit Psalm 42 toonde nog eens het meesterschap van Mendelssohn, die zo mooi kon omgaan met de koorkleuren; de leden van Mardi le vingt betoonden op hun beurt de componist alle eer.
De instrumentale intermezzi waren voor rekening van de dirigent, die van huis uit ook organist is. Zijn Praeludium en Fuga waren traditioneel van idioom, zeg maar: neo-romantisch. Het was een werk, zo monumentaal als hij het liefst met zijn koor voor de dag komt. In Koops’ improvisatie over ‘Honoring you’ greep de organist opnieuw diep in de toetsen en pedalen en permitteerde zich een eigentijdser klankidioom.
Op één werk na waren alle koorwerken begeleid en wel zeer gedreven door pianiste Edith Velthuis, die het moest doen met een pover gestemd instrument, maar wel haar vingers bijkans blauw speelde. De dynamische climax werd tot het eind bewaard: het Paradisi Gloria uit Stabat Mater van Jenkins. Des te verrassender was de toegift –van dezelfde componist- maar ineens veel ingetogener en a cappella.
Met de opbrengst van dit concert wil Twents Kamerkoor Mardi le vingt een uitvoering van Mozarts ‘Requiem’ medefinancieren. Dit belooft een nieuw muzikaal hoogtepunt te worden voor dit koor en wel op zondag 15 mei 2011, drie weken na Pasen.
 
 
Mardi le Vingt schittert met Stabat Mater van Karl Jenkins.
 
Voor een nagenoeg volle St. Pancratiusbasiliek in Tubbergen verzorgde het Twents Kamerkoor Mardi Ie Vingt afgelopen zaterdagavond een uitvoering van het Stabat mater van Karl Jenkins. Een dag later verzorgde het koor eenzelfde uitvoering in de H.H. Simon en Judaskerk in Ootmarsum. Beide concerten vormden een afslui­ting van een project dat in de voorafgaande periode plaatsvond in de gemeenten Tubbergen en Dinkelland. Tijdens de uitvoering in Tubbergen liet het gepassioneerde koor zich van haar beste kant zien en emotioneerde zij menig bezoeker.
Het koor startte met het zingen van vier misdelen uit the "Mass for peace" van Jenkins. De delen werden op een transparante wijze door het koor neergezet, waarbij het op een uitste­kende manier werd begeleid door het Nederlands Begeleidingsorkest. De wijze waarop de celliste van het orkest haar solo in het deel "Benedictus" neerzette oogstte waardering.
Het nieuwe Stabat mater van Jenkins was voor menig toehoorder een bele­ving. Heel ingetogen volgden delen waarbij koor en orkest voluit gingen, waardoor een prettige afwisseling ontstond en het aangenaam was om naar te luisteren. Een heel opmerke­lijk moment was de oorverdovende stilte na het zingen van de Engelse wereldster Belinda Sykes. Dirigent Herman Koops zette alles stil waardoor het in het Arabisch gezon­gen Wees gegroet Maria extra intensiteit kreeg. Het zingen van Belinda Sykes was een belevenis op zich! Vol bewogenheid en bevlogenheid ver­tolkte zij vanuit de preekstoel in de basiliek de kenmerkende Arabische delen in het werk. Met name de manier waarop zij de Arabische keel­klanken ten gehore bracht maakte indruk. Haar zingen vulde de gehele kerk en mensen luisterden met open mond naar haar performance. Een toehoorder vertelde na het concert: "het getuigt van durf en visie om zo’n ster naar Tubbergen te halen om ook op die manier ervoor te zorgen dat concerten kwalitatief hoog niveau blijven halen."
Ook de uit Ootmarsum afkomstige Margareth Beunders vertolkte op haar geheel eigen wijze enige delen uit het werk. Zij zong o.a. een deel waarin de wenende moeder, huilend om het sterven van haar kind, zich afvraagt of de tranen van alle moeders ter wereld het geweld niet kun­nen stoppen. Bewogen vertolkte zij dit lied. Opvallend was dat veel bezoe­kers na het concert bleven ”hangen” in de basiliek. Net alsof men toch nog even de sfeer vast wilde blijven hou­den in plaats van snel naar huis te gaan. Na afloop waren in de kerk heel veel positieve reacties te horen over zowel het werk als ook over het zingen van het koor. Veel mensen gaven aan ”geraakt” te zijn.
 
Okt/nov. 2009.

 

 

 

Recensies:

Uit: Twente UIT de kunst.

De Twentsche Courant Tubantia